| geschiedenis van Bergen op Zoom |
|
De vroegste geschiedenis van Bergen op Zoom Bergen op Zoom is ontstaan op de rand van de Brabantse Wal vlakbij de Schelde. Door haar ligging heeft de stad al vroeg een marktfunctie gekregen die tijdens de Late Middeleeuwen economische voorspoed bracht. Over de vroegste bewoners van Bergen op Zoom is helaas nog weinig bekend. Er zijn aanwijzingen dat het gebied al aan het eind van de ijzertijd en begin van de Romeinse tijd bewoond moet zijn geweest. Ook uit de Frankische tijd zijn er bewoningssporen gevonden. Op de plaats van de huidige Gertrudiskerk werd een kapel gesticht, naar verluid door Sint Gertrudis, abdis van Nijvel, in de zevende eeuw. Pas vanaf het begin van de dertiende eeuw begon de nederzetting zich te ontwikkelen tot stad. Doordat de archieven bij de stadsbrand van 1397 verloren zijn gegaan is het niet mogelijk om de datum te geven van het oudste stadrecht. Aangezien de eerste indirecte verwijzing naar Bergen op Zoom als stad dateert uit 1213 bestaat het vermoeden dat de stad haar eerste privileges al aan het begin van de dertiende eeuw moet hebben ontvangen van de hertog van Brabant. De naam Bergen op Zoom kwam pas later in zijn geheel voor. Eerst heette de nederzetting Bergen. Op Zoom vinden we in de archieven later terug. Gedurende de tweede helft van de dertiende eeuw kreeg de stad steeds meer vorm. Eerst met een aarden omwalling en tijdens het eerste kwart van de veertiende eeuw met een stenen omwalling. Het enige overblijfsel uit die tijd is de Lieve Vrouwepoort uit 1333, ook wel Gevangenpoort genoemd vanwege de functie als gevangenis vanaf het eind van de vijftiende eeuw. In totaal had Bergen op Zoom tijdens de Middeleeuwen vijf stadspoorten. De kern van de stad werd gevormd door de Grote Markt. Hier vonden de handelsactiviteiten plaats. In de veertiende eeuw stonden hier ook de Gertrudiskerk, de Lakenhal en het Schepenhuis (stadhuis) als markante gebouwen. De toren van de Gertrudiskerk, Peperbus genaamd, dateert uit die tijd. De Lakenhal is na de beschieting door de Franse belegeraars in 1747 uit het stadsgezicht verdwenen. Het stadhuis werd aan het eind van de Middeleeuwen uitgebreid en bestaat uit drie panden, in 1611 voorzien van één gevel. Bergen op Zoom was de hoofdplaats van de gelijknamige heerlijkheid. De heerlijkheid Bergen op Zoom ontstond in 1287 en was een afsplitsing van het Land van Breda. De heer zelf woonde in het kasteel te Wouw en had in Bergen op Zoom een eigen hof. Dit hof werd meerdere keren verbouwd. Het meest ingrijpend waren de verbouwingen tussen 1485 en 1511 tijdens de regering van Jan II en zijn zoon Jan III. De laatste nam hiervoor Antonie Keldermans en diens zoon Rombout in dienst. Zij waren verantwoordelijk voor de bouw van het huidige stadpaleis Het Markiezenhof. De textielnijverheid was voor Bergen op Zoom erg belangrijk, evenals voor veel andere Brabantse en Vlaamse steden. Vanaf de veertiende eeuw werden er te Bergen op Zoom twee keer per jaar jaarmarkten gehouden, na Pasen en na Allerheiligen (1 november). Zowel heer als stadsbestuur spanden zich in om zoveel mogelijk bezoekers aan te trekken uit de omgeving en uit den vreemde. Dit lukte goed en tijdens de late vijftiende eeuw en het eerste kwart van de zestiende eeuw maakte Bergen op Zoom een economische bloeiperiode door. Door allerlei oorzaken kwam deze bloei tot een einde en door het uitbreken van de Opstand in 1568 bleef herstel achterwege. Bergen op Zoom werd een garnizoensstad. Bergen op Zoom als garnizoensstad Met de Opstand en de Tachtigjarige Oorlog brak er voor Bergen op Zoom een nieuwe periode aan. In 1577 koos de stad voor de kant van de opstandelingen en werd Staats. Inmiddels werd er al hard gewerkt aan de fortificaties van de stad. Na de val van Antwerpen in 1585 kwam Bergen op Zoom des te meer aan de frontlinie te liggen en werd het behoud van de stad voor de Noordelijke Nederlanden cruciaal. Zij werd ook wel de sleutel tot Zeeland en Holland genoemd. Inmiddels waren er al militairen gelegerd in Bergen op Zoom en was het een garnizoensstad geworden. In 1588 doorstond de stad haar eerste grote beleg, door de Spaanse troepen onder commando van de hertog van Parma. De gehele bevolking werd ingeschakeld bij de werkzaamheden aan de fortificaties. In 1622 werd Bergen op Zoom belegerd door Spinola, ook weer tevergeefs. Gedurende de zeventiende en achttiende eeuw werd de vesting Bergen op Zoom verder uitgebouwd en werd er een verdedigingslinie in de streek aangelegd. De forten Moermont, Pinssen, De Roovere verdedigden het gebied tussen Bergen op Zoom en Steenbergen. Indien nodig konden de landerijen tussen deze forten onder water worden gezet om de vijand te belemmeren. In 1744 waren de nieuwe vestingwerken van Bergen op Zoom gereed. Deze werdn zo sterk geacht, dat de stad de bijnaam "La Pucelle"(de Maagd) kreeg, zo onneembaar werd zij geacht. Drie jaar later werd Bergen op Zoom belegerd door Franse troepen. Gedurende twee maanden werd de stad gebombardeerd en veel huizen en gebouwen werden verwoest. Door onachtzaamheid lukte het de Fransen om de vesting in te nemen. De reputatie als onneembare vesting was meteen aan diggelen. Nadat Bergen op Zoom tijdens de Opstand voor de Staatse kant had gekozen werd ook hier de reformatie verder doorgevoerd. Het katholieke deel van de bevolking paste zich aan of vertrok naar het omliggende platteland. Dat bleef overwegend rooms-katholiek. De inwoners die ervoor kozen katholiek te blijven gingen ter kerke in schuurkerken, aangezien de Gertrudiskerk nu aan de protestantse gemeente was toegewezen. Langzamerhand werd ook het Bergse stadsbestuur overwegend protestants. Deze situatie bleef tot in de achttiende eeuw. Vervolgens wordt het katholieke deel van de Bergse inwoners steeds groter en tijdens de tweede helft van de achttiende eeuw vormden zij de meerderheid. De emancipatie van de katholieke bevolking kwam later alhoewel tijdens de Franse periode tussen 1795 en 1814 de katholieken ook godsdienstvrijheid genoten. In 1832 kreeg de parochie van de Heilige Maagd ten Hemelopneming haar eigen kerk, kortweg de Maagd genoemd. In dezelfde periode werd er een synagoge gebouwd voor de joodse gemeente van Bergen op Zoom en omstreken. In 1972 stond de protestantse gemeente, in aantal zeer achteruitgegaan, de Gertrudiskerk af aan de parochie van de Heilige Maagd. Na restauratie van de kerk werden er hier weer rooms-katholieke erediensten gehouden. Met de tweede helft van de negentiende eeuw brak voor Bergen op Zoom de moderne tijd aan. Bergen op Zoom in de moderne tijd Gedurende de tweede helft van de negentiende eeuw vestigden zich de eerste fabrieken te Bergen op Zoom, waaronder een suikerfabriek en een ijzergieterij. De industrialisering kwam pas echt goed op gang na de komst van een spoorweg en het slechten van de vestingmuren. Hierdoor kon de stad zich verder uitbreiden en kwam er ruimte voor woningen en fabrieken. Bergen op Zoom stond al vanaf de Middeleeuwen bekend om haar aardewerk, voornamelijk bestemd voor huishoudelijk gebruik. Naar ver in Europa werd de potten geëxporteerd. Met de industrialisering kwamen de metalen en geëmailleerde potten en pannen en raakte deze tak van nijverheid in het slop. Bergen op Zoom werd een stad van ijzergieterijen en suikerfabrieken. Veel mensen vonden hier hun emplooi. Ook de visserij, al eeuwen een bron van inkomsten voor Bergenaren, bleef belangrijk. Er werd gevist op haring, ansjovis, geep, paling, mosselen en oesters. De ansjovis, gevangen in zogenaamde weren, was voornamelijk bedoeld voor de export. Tegenwoordig heeft Bergen op Zoom nog één weervisserij. Gedurende de Eerste Wereldoorlog was Nederland neutraal. Veel Belgen vluchtten over de grens Nederland binnen en werden op verschillende plaatsen ondergebracht in kampen. Zo ook te Bergen op Zoom. Op diverse plekken in de stad werden kampementen opgericht voor de Belgische vluchtelingen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd evenals elders in Nederland de joodse inwoners van Bergen op Zoom afgevoerd. Tijdens de bevrijding werd er in de omgeving van Bergen op Zoom hard gevochten tussen geallieerden en Duitsers. Op 27 oktober 1944 werd Bergen op Zoom met redelijk gemak bevrijd door de Canadezen. De grootste schade kreeg de stad met het inslaan van twee V1-bommen in februari en maart 1945 die bestemd waren voor Antwerpen. Na de oorlog herstelde de stad zich. In 1953 werd de omgeving van Bergen op Zoom getroffen door de Watersnood. In Halsteren vielen maar liefst 68 slachtoffers. Vanuit Bergen op Zoom werd de hulp aan de omgeving gecoördineerd. Vanaf de jaren zestig kregen steeds meer moderne industrieën belangstelling om zich te Bergen op Zoom te vestigen. De haven voldeed niet meer aan de eisen en in 1964 werd de Theodorushaven geopend, even buiten de stad en ideaal gelegen als aanvoerhaven voor het nieuwe industriegebied. Bergen op Zoom groeide als stad en met de gemeentelijke herindeling van 1996 kwamen Halsteren en Lepelstraat erbij. Momenteel heeft de gemeente Bergen op Zoom ruim 66.000 inwoners. |






